Wanneer de huurovereenkomst tot een einde komt, is de huurder verplicht om het gehuurde goed terug te geven aan de eigenaar. Dat klinkt uiteraard logisch, maar wat houdt deze ‘teruggaveplicht’ van de huurder bij het einde van de huur precies in? Wat als er schade is aan de huurwoning?

  1. Overmacht en slijtage

Problemen rond de staat van het gehuurde goed worden vaak op het einde van de huurovereenkomst vastgesteld. De huurder moet het goed in de oorspronkelijke staat teruggeven, met uitzondering van schade die door overmacht of normale slijtage is ontstaan. Voor andere beschadigingen of verliezen die ontstaan zijn tijdens de huurtijd zal hij wel aansprakelijk zijn.

  1. Huurschade vergoeden

Is er sprake van huurschade, dan zal de huurder die dus moeten vergoeden.  Let wel, zo zit de vork in de steel wanneer de huurder en de verhuurder hun verplichtingen zijn nagekomen en bij aanvang van de huur een omstandige intredende plaatsbeschrijving hebben opgemaakt.

  1. Geen intredende plaatsbeschrijving opgesteld?

Werd er geen intredende plaatsbeschrijving opgesteld, dan gaat men er van uit dat de huurder het gehuurde goed ontvangen heeft in de staat waarin het zich bevindt op het einde van de huurovereenkomst. Evenwel zal het voor de verhuurder niet evident zijn om eventuele huurschade aan te tonen wanneer er geen intredende plaatsbeschrijving werd opgesteld. Een goede match begint dan ook met een goede plaatsbeschrijving!

 

Bron: CIB - De Zondag

terug naar overzicht

Vragen over de teruggaveplicht?